Naar een ander soort openbaar vervoer - Peter Krumm, Transdev, over SURF-project SCRIPTS

Wetenschappers, praktijkpartijen en overheden werken in het kennisprogramma Smart Urban Regions of the Future (SURF) samen aan kennis op de raakvlakken van ruimte, wonen, bereikbaarheid, economie en bestuur in stedelijke regio’s. In de onderzoeken van de vijf consortia is een belangrijke rol weggelegd voor de praktijkpartijen. Wat zijn hun verwachtingen van SURF? Peter Krumm, manager Strategie en Innovatie bij Transdev vertelt over de verwachtingen van het onderzoek SCRIPTS – openbaar vervoer van de toekomst.

Niet meer wachten op de bus die een keer per uur komt, maar via een app op je smartphone of tablet vervoer laten komen wanneer het jou uitkomt. Het lijkt toekomstmuziek, maar openbaar vervoersbedrijven zijn al bezig met pilots op dit gebied. Nu rijden er nog veel voertuigen rond in het openbaar vervoer. Soms zijn ze vol, soms leeg. Hoe kun je dat beter maken voor zowel de reizigers als de vervoersbedrijven? Dat is voor Peter Krumm, manager Strategie en Innovatie bij Transdev een van de belangrijkste vragen waar hij in het SURF-project SCRIPTS antwoord op hoopt te krijgen. 'Het openbaar vervoer is de afgelopen twintig jaar enorm veranderd,' vertelt Krumm. 'Een goed product leveren vraagt veel kennis en je moet weten wat de reiziger wil. We hebben zelf al veel kennis in huis. Het SURF-project is een prachtige kans om te weten te komen hoe andere partijen naar deze kennis kijken. Ik hoop dat we veel leren van SCRIPTS.'

Smart mobility
Vervoersbedrijf Transdev was in 2014 goed voor 1,5 miljard ov-reizigers kilometers per jaar in Nederland. Connexxion en Veolia Transport Nederland zijn de grootste merken die het van oorsprong Franse bedrijf in ons land onder haar hoede heeft.  Het bedrijf is in twintig landen actief op het gebied van vele soorten vervoer: bussen, taxi’s, treinen, lightrail, ambulances, ferry en fietsen. Transdev biedt niet alleen openbaar vervoer, maar ook leerlingenvervoer, vervoer voor thuiszorgcliënten en mensen die vanuit de Wmo gebruik kunnen maken van vervoer.
Samenwerken met universiteiten is niet nieuw voor het vervoersbedrijf. 'We doen al veel samen met de TU Eindhoven,' vertelt Krumm. Zo werkt Transdev met de Radboud Universiteit, de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen, ROCOV (belangenbehartiging voor OV-reizigers in Gelderland) en de provincie Gelderland samen in het Breng kenniscentrum. Doel van het kenniscentrum is zoveel mogelijk kennis samenbrengen en krachten bundelen om het regionale openbaar vervoer zo goed mogelijk te maken en hiermee de leefbaarheid en bereikbaarheid van de stadsregio te verbeteren. 
Samen met de TU Eindhoven en Fontys Hogeschool is Transdev het kenniscentrum Smart mobility aan het opzetten. 'Dit netwerk gaat zich niet alleen richten op de steden, maar we gaan ook kijken naar landelijke gebieden. Door het contact met de universiteiten was het idee om een onderzoek in te dienen voor het kennisprogramma SURF snel geboren. De uitdaging van de initiatiefnemers van SURF is vooral om de praktijk en wetenschap te verbinden. Dat gaat in SCRIPTS zeker gebeuren. Ik geloof enorm in deze combinatie en ben er van overtuigd dat samenwerking tussen wetenschap en praktijk leidt tot betere producten.' Die verbinding tussen praktijk en wetenschap ziet Krumm als een grote uitdaging: 'Hoe voorkom je dat er papers komen die in een kast verdwijnen? De universiteiten gaan het onderzoek oppakken, maar wat krijgen wij er als bedrijf voor terug? Ik vind dat best spannend. De primaire focus ligt bij het onderzoek op de wetenschap en de bedrijven die meedoen, moeten er voor zorgen dat het onderzoek toegepast kan worden. Daar gaan we heel hard voor werken.'

Traditionele bus is verleden tijd
Met SCRIPTS wil het consortium klantgerichte vervoersdiensten op een duurzame manier gaan ontwikkelen en hierbij rekening houden met de voorkeuren van gebruikers en bedrijven. Transdev heeft op dit gebied al een aantal pilots opgezet. 'In Amsterdam zijn we bijvoorbeeld begonnen met de taxidienst Abel,' aldus Krumm. Via een app kunnen passagiers een stoel boeken in een van de Abel taxi’s. Wie weinig haast heeft kan tot wel 60 procent besparen op de ritprijs ten opzichte van een gewone taxi. Dit komt omdat passagiers een taxi delen.
'Het wordt steeds belangrijker om je als bedrijf te onderscheiden', zegt Krumm. 'Je moet een product bieden waar de reiziger iets aan heeft. De traditionele bus die een keer per uur komt, is verleden tijd. We gaan ons daarom richten op voor iedereen beschikbaar vraaggestuurd openbaar vervoer. De technologie maakt veel meer mogelijk dan tien jaar geleden. Maar het belangrijkste is dat je mensen meeneemt in dit proces. Hoe vertel je mensen dat ze niet meer op een bepaald tijdstip naar een halte hoeven te lopen, maar op een moment dat het hun uitkomt gebruik kunnen maken van het openbaar vervoer? Dat gaat verder dan modellen.'

De data en de reizigerswensen
Toch zijn het ook die modellen die heel belangrijk worden in het onderzoek. 'Voor mij heeft het onderzoek een kwantitatieve en een kwalitatieve kant,' legt Krumm uit. 'Bij de kant van de kwantiteit kijken we vooral naar de data. Als je een ander soort vervoer wilt leveren, moet je beschikken over goede data. Vervolgens moet je kijken hoe je dit kunt meenemen in vervoerskundige modellen. Zo kun je de vraagontwikkeling zien. Op basis van deze informatie kun je operationele keuzes maken. Bijvoorbeeld hoeveel bussen er nodig zijn en hoeveel chauffeurs we moeten inzetten.'
De kwalitatieve kant van het onderzoek gaat volgens Krumm vooral over wat reizigers willen. 'Neem de discussie over de NS Intercity in Zeeland. In 2013 is de Intercity vervangen door een stoptrein. Los van de vraag of reizigers al dan niet beter af zijn met een Intercity, gaat de discussie alleen over wat reizigers kwijtraken. Je zou ook aan reizigers kunnen vragen: wat wil je er voor terug? Als je dat weet  zou je het geld dat je door de verandering bespaart, kunnen inzetten voor een alternatief.'
Niet alleen in steden zijn er veel ontwikkelingen in het openbaar vervoer, juist in landelijke gebieden spelen veel mobiliteitsvraagstukken. 'In veel dorpen verdwijnen de reguliere bussen', zegt Krumm. 'Het is in zo’n geval heel belangrijk dat je als openbaar vervoerbedrijf en concessieverlener het gesprek aangaat. Vinden de reizigers het een probleem, wat willen ze terug voor die bus die verdwijnt? Om dat te weten te komen moet je veldwerk doen. Ga maar op pad en vraag het aan de reizigers. Uit die verzameling van cases zal uiteindelijk een rode draad te halen zijn. Ik hoop dat we in SCRIPTS ook zo aan de slag gaan. Op dit gebied verwacht ik veel van de Hogeschool.'

Rol van de overheid
Niet alleen de bedrijfsmatige kant komt aan bod in het onderzoek. De Radboud Universiteit gaat de rol van de overheid in het aanbieden van vraaggestuurd openbaar vervoer bekijken. 'De overheid heeft nog steeds een dominante rol in het aanbod van openbaar vervoer,' zegt Krumm. 'Overheden denken ook na over de inzet van taxi’s en het openbaar vervoer. Als we andere manieren van openbaar vervoer gaan aanbieden heeft dit gevolgen. Het is niet ondenkbaar dat we in de toekomst leerlingenvervoer en Wmo-vervoer met het reguliere openbaar vervoer gaan combineren waar dat mogelijk is. Sommige groepen reizigers zijn niet te combineren, daar zijn we ons van bewust. Ik ben erg blij dat de provincies Gelderland en Noord Brabant en Stadsregio Amsterdam meewerken aan SCRIPTS. Het is een mooie kans om met elkaar na te denken over het samenbrengen van de verschillende soorten vervoer.'

Krumm verwacht veel van het vraaggestuurd openbaar vervoer. 'Wat willen mensen van mobiliteit en hoe verplaatsen ze zich? Deze vraag moet leidend zijn. We kunnen wel mooie producten leveren, maar als niemand er gebruik van maakt, heb je een groot probleem als bedrijf. We hebben als Transdev veel ideeën over het aanbieden van vraaggestuurd openbaar vervoer, maar we kunnen het wiel niet alleen uitvinden. SCRIPTS gaat ons enorm helpen en zal ons laten zien  of we op de goede weg zijn.'

 
DEEL: 

Verbindende woorden

Agenda

Volg ons op twitter